2019-03: Wist u dat … rondtrekkende kooplieden uit jaren 1950-1960 aan de deur kwamen?

Een marskramer is een rondtrekkende koopman. Een mars is een op de rug gedragen mand, niet te zwaar want vandaar het gezegde ”hij heeft niets in zijn mars,” dit zijn dikwijls van allerhande kleinere spullen voor huishoudelijk gebruik. De vele huisvrouwen op het platteland waren meestal zijn klanten, die gingen voor een of ander kleinigheidje niet naar het dorp, of in het ergste geval naar de stad.

Als in de lente weer de gebruikelijke grote poets gedaan werd zag je weer een koopman gaan. Deze had een grote rieten mand op zijn fiets en achterop een paar grote koffers. Alles voor gebruik bij schoonmaak of in de keuken.

In de lente en zomer kwam hier in de regio ook nog een koopman met paard en wagen, waarop allerhande gereedschap voor boeren en tuinders lag, om aan de man te brengen, ook voor werkzaamheden op het land.

Ook kwamen uit de regio in de lente en herfst reizigers langs, met stoffen en kleding. In Melderslo is een veel gehoorde naam: de Ponti uit Swolgen, Cruysberg uit Tienray, Kurvers uit Horst en Jan v. Dijk van Fa Thomassen uit Venray. Ook herinneren mensen zich nog Han Dut uit Venlo die probeerde ondergoed aan de man te brengen. Straatman uit Venray verkocht huishoudelijke artikelen zoals potten en pannen.

Ook woonwagenbewoners en bedelaars klopten vaak aan bij de boerderijen met de vraag om iets te eten. Vaak gaf men dan brood met bijvoorbeeld balkenbrij of een bord soep. Dit werd dan heel bescheiden buiten op de stoep opgegeten. Het schijnt ooit gebeurd te zijn dat de soep, die blijkbaar van mindere kwaliteit was, later werd teruggevonden in de gereedstaande laarzen op de stoep!

Soms verkochten deze woonwagenbewoners kleine benodigdheden zoals elastiek, knopen, wasknijpers, scheerzeep en haarspeldjes.

De voddeman en vellenman (konijnen) haalden tegen een kleine vergoeding hun spullen op.

Voor allerlei reparaties en werkzaamheden melden zich: ketellappers, schieresliep, schoenmakers, stoelenmatters, mandenvlechters en paraplu-reparateurs.

De bakker en kruidenier bezorgden de boodschappen aan huis, en op de boerderijen  beschikte men zelf over groenten, fruit, vlees en melk.

In het voorjaar reed ook vele jaren hier een wagen en later busje rond van het Blindeninstituut uit Grave met bezems, borstels en andere schoonmaak artikelen.

De krant en post werd, bij gebrek aan een brievenbus, vaak achterom gebracht tot in de keuken en de eerste AOW pensioengerechtigden kregen hun uitkering contant overhandigd na het zetten van een handtekening. Sommige postbodes werden daarvoor doorverwezen naar de slaapkamer waar Opa nog in bed lag, en handelden daar netjes hun zaken af.

Meestal eenmaal per jaar kwamen paters uit kloosters uit de omgeving voor een jaarlijkse termijn aardappels of graan.

Allemaal beelden die op het platteland en dus ook in Melderslo tot de jaren 1950-1960 gewoon waren. Intussen vullen zich in de 21e eeuw de Melderslose straten met vele pakket- en andere bezorgdiensten. De Marskramers van de 21e eeuw!

Kleerhangers
Kleerhangers van verkopers uit de regio.